Centrale Raad van Beroep veroordeelt ‘schoon en leefbaar huis’

Op 8 oktober 2018 deed de Centrale Raad van Beroep - hoogste rechter - een belangrijke uitspraak over zogenoemd ‘resultaatgericht indiceren’ voor huishoudelijke hulp op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Ook wel bekend als ‘schoon en leefbaar huis’ beschikkingen. De uitspraak is op 23 oktober gepubliceerd (klik hier).

 

Resultaat
De uitspraak betekent dat gemeenten voortaan op basis van maatwerk uren moeten toekennen. Veel gemeenten zijn de afgelopen jaren overgegaan op een systeem waarin de gemeente alleen een resultaat toezegt aan hulpvragers. Op basis van een ondersteuningsplan bespreken de hulpvrager en de zorgaanbieder vervolgens wat er echt gedaan moet worden in huis. Dat ondersteuningsplan wordt vaak onderdeel van de beschikking. Maar nergens staat genoemd op hoeveel uren hulp de cliënt kan rekenen. En dat mag nu niet meer. In deze zaak, van de gemeente Steenbergen, kreeg de cliënt ook een zorgplan. Daarin staat niet het aantal uren te leveren huishoudelijke hulp, maar wel per ruimte de uit te voeren werkzaamheden, wie wat doet, met welke frequentie en het te behalen resultaat. De zorgaanbieder mag vervolgens zelf bepalen hoe dat wordt behaald en kan daar tussentijds verandering in aanbrengen.

 

Maatwerk in uren
Deze toezegging van de gemeente is niet concreet genoeg. In de woorden van de CRvB: “In feite weet verzoeker door deze wijze van verstrekking van een maatwerkvoorziening tot op heden niet op hoeveel uur ondersteuning hij kan rekenen. Dat het college in het bestreden besluit voor de concretisering van de aanspraak heeft verwezen naar het bijgevoegde leveringsplan, waarin per woonruimte is vermeld welke werkzaamheden moeten worden uitgevoerd, door wie en met welke frequentie, doet hieraan niet af”.

 

Wat betekent dit?
Bert van ’t Laar, die als lid van de juridische helpdesk van KBO-Brabant al vele senioren hielp in bezwaar en beroepsprocedures, zegt over de uitspraak het volgende. “Dit is zonder meer een belangrijke uitspraak, waarop wij met zijn allen hebben gewacht. Het is nu niet meer mogelijk om, zoals veel gemeenten doen, de concretisering van de aanspraak – hoeveel zorg krijg ik nou daadwerkelijk - over te laten aan de zorgaanbieder. Ook niet als het leveringsplan bij de beschikking wordt gedaan. In veel gemeenten hebben we dit beleid al in juridische procedures aan de orde gesteld. Mensen die te weinig zorg krijgen op basis van een ‘schoon huis’ beschikking, kunnen nu weer een nieuwe melding doen. We zullen, samen met de cliëntondersteuners, bespreken hoe we die mensen het beste kunnen helpen”.

 

Wat kunt u doen?
Als u vindt dat u te weinig (huishoudelijke) hulp krijgt van uw gemeente, en u heeft een beschikking waarin alleen het resultaat wordt genoemd, kunt u weer aankloppen bij de gemeente. Cliëntondersteuners kunnen daarbij helpen. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met uw KBO-Afdeling, cliëntondersteuning in uw gemeente of rechtstreeks met Marieke Pette, projectleider cliëntondersteuning (mpette@kbo-brabant.nl of
073 - 644 40 66).


Terug naar de startpagina