Nellie van Dijk-Huibers.

Bij Nellie was ik op de koffie aan de keukentafel in haar gezellige keuken in haar huisje aan de Brouwhuisweg.

We spraken over vroeger hoe we fietsten vanaf Sluis 9 door de Beemd naar Vlierden.

En vanaf het Geremd in Helmond over zandweggetjes door Brouwhuis langs de kerk en over het Kloostereind naar Vlierden.

Ze is geboren op 18 november 1924 en getogen op de Broekkant in Beek en Donk, als jongste van vier kinderen, waarvan één zus de oudste is, twee broers komen tussen haar zus en Nellie. Vader Laurentius Huibers en moeder Pieta Renders runden een boerderij achter op de ‘Beek’ als laatste boerderij op de weg naar Gemert. Eén van haar broers kreeg op zeven jarige leeftijd kinderverlamming; hij kon opeens niet meer praten. In het begin wisten de dokters niet wat haar broer mankeerde. Maar de Duitse zusters van het Kostbaar Bloed zeiden als maar dat het kinderverlamming zou kunnen zijn. Na uitvoerig onderzoek was het inderdaad zo! Vanuit Helmond eerst de brug over het Wilhelminakanaal, dat was ‘Beek’ en kwam je in de Koppelstraat (nu Oranjelaan) tot aan de volgende brug. Over deze brug was de ‘Donk’ naar Gemert. Nu is het allemaal gewoon ‘Beek en Donk’ .

Nellie ging in Beek naar de lagere meisjesschool bij de zusters van Schijndel en doorliep deze school voorspoedig zoals veel van haar leeftijdenoten. Na de meisjesschool ging ze twee jaar naar de huishoudschool in Gemert. Daarna moest ze aan de slag in de huishoudens van boeren in de omtrek. Werken, voor hele of halve dagen, wassen en poetsen, een paar dagen per week, voor één gulden per dag.

Nellie kreeg kennis met Harrie van Dijk uit Brouwhuis, die woonde aan de Stipdonksebeemdweg, nabij het gehucht ‘De Blikhalm’. Zijn ouders runden een rundveehouderij met vooral melkkoeien. Toen de boerderij vrijkwam, doordat de broers en zussen van Harrie de boerderij verlaten hadden, konden ze in 1953 eindelijk trouwen; ze zijn getrouwd in de Kerk van Beek.

Nellie vertelde dat er in die tijd voor de kerk van Brouwhuis nog geen verharde weg lag. Dat had ze nooit eerder gezien: een kerk in het zand.

Harrie nam toen de boerderij van zijn ouders over, en ze gingen wonen in de ouderlijke boerderij, bij de ouders van Harrie. Nellie en Harrie werkten samen op de boerderij. In het begin hadden ze zo’n acht tot tien melkkoeien, maar omdat Harrie een echte koeienboer was, werd dat aantal stilletjes aan toch uitgebreid naar vierentwintig. Naast de melkveehouderij was Harrie een verenigingsman. In 1940 heeft hij de Jonge Boerenstand in Brouwhuis mee opgericht, en werd hij er voorzitter. Ook was hij voorzitter van de K.I.-vereniging, voorzitter van de Bond van bijenhouders, en voorzitter van de toneelclub in Brouwhuis. Ook heeft hij het Wit-Gele-Kruis in Brouwhuis mee opgericht, en ook daarvan werd hij de eerste voorzitter.

Intussen was er een melkmachine aangeschaft en daardoor kon Harrie met de machine alleen de koeien melken. Hij was er heel erg op dat dit goed gebeurde. Daarom mocht niemand de koeien melken, dan hij alleen, zelfs Nellie mocht dat niet. Ze hadden een boerderij van 15 hectaren groot, met landbouwgrond en weilanden, vooral voor de melkkoeien. Daarbij hadden ze jongvee en kalveren en een werkpaard om de grond te bewerken.

Zij werden verblijd met vijf kinderen, eerst Tiny en Laurens de twee zonen, en daarna Ria, Elly en Petrie, de drie dochters. Nellie had haar eigen taak in het huishouden binnen in huis, om voor de kinderen te zorgen die in Brouwhuis naar de lagere school gingen.

Ze waren vijftien jaar getrouwd toen Harrie plotseling overleed.

Nellie bleef zitten met een grote boerderij, haar oudste zoon Tiny was 12 jaar en ging toen in Helmond naar de Mulo. De jongste was vier jaar toen vader overleed.

 

Nellie stond er helemaal alleen voor, alles kwam toen op haar af. Ze stond ’s morgens om vijf uur op, om de koeien te melken, want om zeven uur moest ze de kruiken met melk aan de weg hebben staan. Dat waren dertig literse kruiken, die met een grote wagen werden opgehaald en naar de melkfabriek gebracht. Nellie melkte de koeien - twee keer per dag, zeven dagen in de week - ook met de melkmachine. Daarnaast moest ze de koeien verzorgen, voeren en water geven op de stal. In de zomer waren ze in de wei. Ook het paard werd door haar verzorgd en toen dat een veulen kreeg, moest ze dat ook nog doen. Als er koeien moesten kalveren, was dat ook haar taak.

De kinderen waren in het begin helemaal op zichzelf aangewezen. Dan stonden de kleinsten te huilen dat mama er niet was; dat was een moeilijke tijd voor Nellie en haar kinderen. De kinderen misten niet alleen hun vader maar nu vooral ook hun moeder die eerst op de stal bezig was.

De oudste kinderen moesten toen de taak van moeder overnemen en zorgen voor de kleinsten. Nellie moest zorgen voor al het werk op de boerderij. Dat was niet mis, maar zij heeft zich er dapper doorheen geslagen. Het moest wel, het was niet anders.

Het werk op het land - mest uitvaren en ploegen, gras maaien en hooien – liet ze door een loonwerker doen.

 

In de jaren zestig werden veel landweggetjes verhard. Vanaf Sluis 9 en vanaf Helmond over Brouwhuis en het Kloostereind, de Beersdonk in Brouwhuis, de Brouwhuisweg en over Belgeren naar Vlierden. Dat was een hele verbetering, vooral voor de schoolkinderen die op de fiets naar school moesten.

Direct na de lagere school ging Laurens naar de landbouwschool in Helmond en hielp zijn moeder al spoedig op het boerenbedrijf. Hij kreeg verkering en trouwde met Diny, en heeft in 1980 de boerderij van zijn moeder overgenomen. Laurens, is net als zijn vader en opa een echte koeienboer. Ze kunnen uren - over niets anders dan - over koeien praten. En omdat haar zoon een echte koeienboer is werd de veestapel steeds groter.

Laurens gaf – net als zijn vader en opa deden - les aan jonge boeren over hoe een koe in goede vorm is. Van elk jong geboren kalfje wordt een schets gemaakt, hoe het eruit ziet. Indertijd was dat gewoon op papier. Nu gebeurt dat met de computer, zoals alles ook in de melkveehouderij.

Toen in 1968 de annexatie kwam en Helmond als stad een groot gebied rondom Helmond inlijfde, bezat de gemeente Helmond al een derde gedeelte van Brouwhuis. De gemeente Helmond kreeg toen een gedeelte van de gemeente Deurne en van de gemeente Bakel ook in eigendom. Ook Stiphout en Mierlo-Hout kwamen toen bij Helmond. Wat vroeger allemaal beemd was, vanaf Sluis 9 naar Vlierden, en het hele grondgebied rondom Brouwhuis werd zoetjes aan het grote industrieterrein van Helmond.

Nellie vond het stilletjes aan tijd om het bedrijf in 1986 te verlaten.

Omdat ze toch nog een tuin wilde zodat ze een moestuin en een bloementuin kon houden is ze in Vlierden aan de Brouwhuisweg gaan wonen. Ze wilde beslist niet naar het dorp, gewend als ze was aan het buiten zijn om te kunnen werken buiten.

 

De industrie breidde zich steeds verder uit, de boerderijen in Brouwhuis moesten er allemaal aan geloven, ook de boerderij van haar zoon. In het jaar 2000 kocht de gemeente Helmond de boerderij en alle landbouwgrond van Laurens van Dijk op en hij ging op zoek naar een andere locatie voor zijn bedrijf van honderd melkkoeien. Dat vond hij in Groeningen in de gemeente Boxmeer. Hij heeft daar een bestaande melkveehouderij opgekocht. In het begin – zolang hij met zijn gezin nog in Brouwhuis woonde - moest hij elke dag op en neer om de koeien te melken en te verzorgen. Hij heeft de oude stallen en het huis afgebroken en heeft daar een heel nieuw bedrijf en een nieuw huis opgebouwd. Zijn kinderen gingen in Vierlingsbeek naar de basisschool.

 

Nellie is trots op haar vijf kinderen, die regelmatig bij haar op bezoek komen. Ze is de trotse oma van twaalf kleinkinderen. Op 18 november 2014 vierde ze haar negentigste verjaardag samen met haar zonen en dochters, schoondochters en schoonzonen. En natuurlijk ook met alle kleinkinderen; het was een mooi feest.

Met haar negentig jaar leest ze nog zonder bril de krant en alles wat er te lezen valt, puzzelt ze veel, heeft ze nog een auto en rijdt zelf nog naar haar kinderen die in de omgeving wonen. Zelfs naar Groeningen rijdt ze nog zelf met haar auto. Nellie is klein maar dapper.

 

Nellie bedankt voor het fijne ‘buurten’ samen, we hebben veel herinneringen van vroeger op kunnen halen.

 

Annie Kusters-Verrijt.

 

Terug naar de startpagina